De voortplanting van kikkers en padden gebeurt meestal in het water. Het mannetje bevrucht de eitjes terwijl
het vrouwtje ze legt. Al bevinden er onder de kikkers ook levendbarende soorten of paart het wijfje met
verschillende mannetjes tegelijk.
De eitjes of kikkerdril genaamd drijft in het water en broedt uit in de zon. Van zodra het in het water komt
zwelt de gelei op en beschermt zo het eitje. Kikkerdril lijkt in het water net op een hoopje te liggen
terwijl paddendril in lange snoeren (die wel een lengte van 4 meter kunnen bereiken) aan elkaar zit. In elk
van deze eitjes zit een zwart stipje wat later zal uitgroeien tot een dikkopje.
Veel van deze eitjes zijn echter niet bevrucht of sterven af of worden opgepeuzeld door hun natuurlijke
vijanden.